Hoe analyseert u het binnenklimaat?

Een klimaatgrafiek. Foto: © Provincie Limburg, fotograaf: Tine Hermans

Hoe identificeert u concrete risico's en problemen met temperatuur en relatieve vochtigheid (RV) voor uw erfgoed?

Wat heeft u nodig?

  • Kennis over de noden van de collectie.
  • Kennis over het gebouw en inzicht in de manier waarop het binnenklimaat tot stand komt.
  • Kennis over de reeds aanwezige klimaatbeheersing.
  • De verzamelde meetgegevens.
  • Het meetplan met de metadata over de metingen en het klimaatlogboek.
  • De software van de gebruikte dataloggers, Microsoft Excel en/of andere analysetools.
  • Eventueel externe hulp, van een adviseur behoud en beheer of van een ingenieur.

Waar moet u op letten?

  • De overschrijding van de grenswaarden, m.a.w. wanneer en waar was het gemeten binnenklimaat te warm, te koud, te nat of te droog?
  • De snelheid en grootte van de schommelingen, m.a.w. de pieken en dalen in het binnenklimaat.
  • Terugkerende en opvallende afwijkingen:
    • Op bepaalde momenten van de dag of de week: wat is het effect van bepaalde gebeurtenissen of activiteiten op het binnenklimaat?
    • Op bepaalde plaatsen: is er sprake van een microklimaat?
  • Het verschil tussen de temperatuur en het dauwpunt, m.a.w. het risico op condensatie bij klimaatschommelingen. Sommige meettoestellen geven het dauwpunt zelf aan of u kunt het eenvoudig online berekenen met de Dew Point Calculator.
  • De invloed van het buitenklimaat. Vergelijk de metingen van het binnenklimaat hiervoor met de zelf verzamelde metingen van het buitenklimaat of met metingen verkregen van het KMI of een opensourceplatform.

Let ook goed op de schaal van een grafiek en de gebruikte zoom. Naargelang de zichtbare scope van de x-as en de y-as kunnen pieken er groter of grilliger uitzien dan ze in werkelijkheid zijn. Dit is vooral belangrijk als u grafieken gaat vergelijken.

Waarmee moet u rekening houden?

Om te kunnen inschatten hoe groot de risico's verbonden aan het binnenklimaat zijn en welke maatregelen nodig zijn, moet u een aantal factoren incalculeren:

  • De relatie tussen relatieve vochtigheid en temperatuur
    De relatieve vochtigheid is afhankelijk van de temperatuur en van de absolute vochtigheid. Twee belangrijke beginselen om in het achterhoofd te houden:
    • Hoe warmer de lucht, hoe meer waterdamp (absolute vochtigheid) die kan bevatten.
    • Bij eenzelfde absolute luchtvochtigheid, beïnvloedt de temperatuur de relatieve vochtigheid in omgekeerd evenredige richting. Stijgt de temperatuur, dan daalt de relatieve vochtigheid. Daalt de temperatuur, dan stijgt de relatieve vochtigheid.
       
  • De vooropgestelde klimaateisen
    Voldoen de klimaatmetingen aan het gewenste binnenklimaat in uw eigen instelling of aan de eisen van de bruikleengever?
     
  • De specifieke gevoeligheden per materiaalsoort
    Wat voor het ene materiaal een 'slecht' klimaat is, kan voor het andere object juist gunstig zijn. Informeer u grondig.
     
  • De responstijd van objecten
    De gemeten temperatuur en RV van de lucht is nog wat anders dan de materiaalvochtigheid. Objecten reageren met enige vertraging en eerder geleidelijk op een verandering in het binnenklimaat. Hoe snel een bepaald type object reageert, valt na te gaan aan de hand van de responstijd (driemaal de halfwaardetijd). Die is afhankelijk van de aard van het materiaal, het volume/de dikte en de afwerkingslaag. Raadpleeg Ankersmit B., Klimaatwerk. Richtlijnen voor het museale binnenklimaat, 2009, p. 73.
     
  • De historiek en conditie van een object
    Een object dat in goede staat verkeert, kan beter tegen verandering dan een gelijkaardig object in slechte staat. Heeft een object lange tijd zonder achteruitgang in een schommelend binnenklimaat vertoeft, dan is het risico op schade eerder klein. Bij een plotse verandering van/in de omgeving, zelfs met de beste bedoelingen, is er wel een risico op schade.
     
  • Aanwezigheid van spanningen en van andere schadefactoren
    Het risico op schade stijgt naargelang de aanwezigheid van spanningen in het voorwerp en de blootstelling aan andere schadefactoren, zoals licht en verontreinigingen.

Analysetools

Enkele universiteiten ontwikkelden handige software die ter beschikking staat van de erfgoedsector.

Online applicaties van de Technische Universiteit Eindhoven

Maak een gebruikersaccount aan en volg nauwgezet de richtlijnen voor het voorbereiden van het bronbestand. Na het opladen van dit document geeft u een aantal metadata in en maakt het systeem er automatisch analyses van.

  • Tijdplot: gewone grafiek van de temperatuur en relatieve vochtigheid. Bereken ook automatisch de absolute vochtigheid.
  • Klimaatevaluatiekaart: in welke mate zijn de klimaateisen gehaald in het algemeen en in elk seizoen apart?
  • Algemene risico's plot: hoeveel percent van de tijd komt het gemeten binnenklimaat overeen met de ASHRAE-klassen?
  • Specifieke risico's plot: welk risico geeft het gemeten binnenklimaat op schimmelvorming, chemische degradatie en mechanische schade? Deze grafieken zijn gebaseerd op uitgebreid internationaal onderzoek naar de reacties van papier, een paneelschilderij, een meubel en een houten beeld op klimatologische omstandigheden.
Voorbeeld van een tijdplot met weergave van de absolute luchtvochtigheid. Foto: © Technische Universiteit Eindhoven
Voorbeeld van een klimaatevaluatiekaart. Foto: © Technische Universiteit Eindhoven
Voorbeeld van een plot algemene risico's. Foto: © Technische Universiteit Eindhoven
Voorbeeld van een plot specifieke risico's. Foto: © Technische Universiteit Eindhoven

AIRCHECQ-software van de Universiteit Antwerpen

Download de software van de Airchecq-website. Bereid het bronbestand voor volgens de richtlijnen in de handleiding (eveneens beschikbaar op de website) en laad het op in de software. Het voordeel is dat u met deze tool ook de metingen van lichtsterkte, uv-straling, fijn stof, stikstofdioxide en ozon kunt analyseren.

U kunt vervolgens grafieken bekijken, afwijkende periodes worden uitgelicht en de Indoor Air Quality Index wordt berekend.

Deze software is gebaseerd op de wetenschappelijk bepaalde gevoeligheden van specifieke materiaalsoorten, dus op reële risico's verbonden aan het binnenklimaat. Aan de hand van de kleurcodering kunt u op een zeer intuïtieve en overzichtelijke manier de risico's voor uw collectie evalueren.

Voorbeeld van een Indoor Air Quality Index met de Airchecq software. Foto: © Universiteit Antwerpen,