Kort en krachtig. 50 lezenswaardige tips voor goede museumteksten

Er zijn zo van die boeken waarvan je zou willen dat je ze zelf had geschreven. Zoals dit splinternieuwe ‘Kort en krachtig. 50 tips voor goede museumteksten’. Een schitterende, bruikbare en handzame synthese van zo’n 70 jaar samengetelde ‘museumschrijfervaring.’ Beste lezer, u bent bij deze gewaarschuwd: er volgen nog meer (terechte) woorden van lof.

Waarom ik dit zo’n goede publicatie vind?

  • Om te beginnen: het is een kort boekje. Amper 68 pagina’s, en op A5-formaat. Talrijk zijn de publicaties (die we ook hier besproken hebben) die dik en zeer uitgesponnen zijn. Niets van dit; kort en krachtig maakt zijn titel helemaal waar.
  • Die 50 tips worden netjes verdeeld over twee hoofdstukken, ‘Schrijven’ en ‘Vormgeving’, en aangevuld met nog een korte, leerrijke verzameling bijlagen. Elke tip is, zoals een ‘museumtekst’ dat ook behoort te zijn, uit de praktijk én erg to the point. Er staat werkelijk geen woord of zin teveel. Uit de praktijk betekent dat de auteurs bestaande teksten als uitgangspunt hebben genomen, bovendien meestal ook vergezeld van het werk dat de tekst beschrijft. Het gebruik van de afbeeldingen is niet alleen aardig, maar nodigt de lezer ook om aandachtig(er) te kijken. Bestaande teksten dus, die ze ontleden én verbeteren. Tip 3 ‘Begrijpt u ook wat u leest?’, tip 21 ‘Andermans stem’ en tip 28 ‘Informatief of subjectief?’, en de meeste van de andere schrijftips, worden mooi geïllustreerd met een ‘voor’ en ‘na’.
  • Mooi is ook dat de brug tussen ‘communicatie’ – zeg maar het redactionele, wat te maken heeft met stijl, zinsbouw, structuur en retoriek – en 'educatie' gelegd wordt. In de bijlage verneemt de lezer meer over o.a. leerstijlen (van onder meer David Kolb), een leerstijltest, A-, B- en C-teksten en tekstbegrip.
  • Bijzonder interessant vond ik zelf het hoofdstukje over leesbaarheidstesten, van onder meer de Amerikaan Rudolf Flesh en de Nederlander Wouter Douma. Ook bijgeleerd: in Microsoft Word kunt u ook zelf met zo’n test aan de slag. Even googelen hoe dat werkt, en u heeft een nuttig instrument in handen om uw teksten (en die van anderen) op leesbaarheid te controleren. Afgelopen met die eindeloze discussies over de leesbaarheid voor een bepaald publiek of doelgroep.
  • En voor wie zich nog verder wil verdiepen is er een mooie, uitgebreide leeslijst, over o.a. begrijpelijke taal, wayfinding en bezoekerservaringen.

Samengevat: een onmisbaar leer- en handboek voor iedereen die schrijft, ook buiten de museale context.

Meer info vindt u op de website van de uitgeverij.

Roel Daenen