Wat als … een museum een unief was?

Strijdende vrouw, CC0

De maatschappelijke rol van universiteiten is volgens de bekende historicus en auteur Michael Ignatieff nog nooit zo groot geweest. Wat als we ‘universiteit’ door ‘museum’ zouden vervangen? Een oefening die zo gek nog niet is. Beide instituten delen een passie voor onderzoek, kennis en onderwijs. En beide pleiten ze voor activisme. 

“Universiteiten zouden zich veel sterker moeten profileren in de samenleving. Ze stellen zich te bescheiden op, en gedragen zich te vaak als wereldvreemde muurbloempjes. En dit terwijl ze zelfzeker en bewust naar buiten moeten komen, en de waarden van kennis moeten propageren.”

Hoe groot kan de maatschappelijke rol zijn?  

Aan het woord is Michael Ignatieff, de voormalige Canadese politicus, hoogleraar, denker en auteur die menig boek over democratie, liberalisme en vrijheid schreef. Vorige week was hij te gast in Bozar, op uitnodiging van de Evens Foundation. Hij werd uitgenodigd als rector van de European University Budapest. Daar maakt hij vanop de eerste rij mee wat het betekent wanneer vrijheden en democratische waarden op het spel staan.

Ignatieff pleitte in Bozar voor een sterke universiteit die een expliciete rol in een samenleving dient te spelen. Zeker nu de democratische waarden in landen als Hongarije onder druk staan. Al doet Michael Ignatieff het zelf niet, toch is het geen aartsmoeilijke uitdaging om het brugje te leggen naar de cultureel-erfgoedsector. Ook musea, archieven, erfgoedbibliotheken of eender welke erfgoedorganisatie hebben immers een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Maar wat als de vrijheid om die maatschappelijke rol van betekenis te spelen wordt beknot?

Gebalde vuisten op een rij, CC0

De (academische) vrijheid onder druk in Boedapest

In zijn lezing ging Ignatieff op inspirerende manier in op de betekenis van ‘academische vrijheid’, de rol van academici en universiteiten in de samenleving, de houdbaarheid van de waarden van de Verlichting en van kennis, én van Europa zelf.     

Michael Ignatieff sprak vanuit persoonlijke en professionele ervaring. In 2017 kwam zijn universiteit bij de regering van Viktor Orbán onder vuur te liggen. De overheidspijlen werden gericht op een richting als gender studies, maar net zo goed op alle colleges die aan het thema ‘migratie’ raakten.

De rector en zijn universiteit staan op hun autonomie en vrijheid van handelen – de ‘academische vrijheid’ indachtig. De politieke situatie in Hongarije stelt deze basiswaarden danig op de proef. De toestand is er in 2018 niet beter op geworden. Integendeel, momenteel is de situatie zo precair dat de kans reëel is dat Ignatieff per 1 januari 2019 geen budget meer zal krijgen en dus ook geen studenten meer kan laten starten.

Ignatieff was fel. Deze situatie mag de universiteit er niet van weerhouden om haar werk te doen. Meer nog, hij stelt dat dit een teken is dat de universiteiten er daadwerkelijk toe doen, en hun rol ten volle moeten opnemen. Ze moeten vechten voor de ontwikkeling van het vrije denken en van de kennis. 

De activistische universiteit

De lezing van Ignatieff was een blikopener omdat hij het publiek met de neus op de feiten drukte. Als welgestelde Europeanen beseffen we zelden dat onze vrijheden ‘verworven’ zijn, en dus geen ‘natuurlijk’ gegeven. Als we niet oppassen, kunnen ze dus weer verdwijnen of ons zelfs zonder verpinken worden ontnomen, zoals in Hongarije of andere dictatoriale regimes. Vandaar ook de oproep van Ignatieff aan de universiteiten om zich hiervan bewust te zijn, verantwoordelijkheid op te nemen, én om hun maatschappelijke rol waar te maken.

Opengeslagen boek met bril, CC0

Het activistische museum

Hoewel hij zijn pleidooi richtte aan de beleidsmakers op de universiteiten, zou een geëngageerde museumdirecteur zich evengoed kunnen of misschien zelfs moeten aangesproken voelen. Als we in vogelvlucht kijken naar recente museologische ontwikkelingen zien we dat er de laatste decennia een zeker ‘museum-activisme’ is ontstaan, en dit op verschillende fronten. Maar steeds met het publieke debat over een maatschappelijk relevant thema als rode draad. Het besef is gegroeid dat musea méér zijn dan collecties; en dat het plekken zijn die een unieke positie kunnen opnemen in het publieke domein en waar debatten kunnen plaatsvinden. Debatten waar elders geen plek voor is. Die kunnen gaan over klimaatverandering, maar ook over vrije meningsuiting, LGBT of #metoo.

Het debat is een sleutelelement van dit activistische museum. Maar enkel en alleen het debat op zich volstaat niet. Onderzoek, kennis en onderwijs zijn basisfuncties van een museum. Zoals in het geval van een universiteit mag verwacht worden dat het debat in een activistisch museum gestoeld is op kennis, expertise en ervaring. De argumenten moeten gegrond en overtuigend zijn. De kritiek als zou dit activistische museum een soort van ‘praatbarak’ zijn gaat dus niet op.

Grenzen aan de vrijheid?

Ook in België zien we dat (bepaalde) musea in de richting van een activistisch museum (willen) opschuiven. Ze zien het als hun taak om zich te roeren in het publieke debat, en willen liever niet aan de zijlijn blijven staan. Maar ze stoten ook op de grenzen van het toelaatbare. Een bepaald standpunt strookt immers niet altijd met de overheersende politieke standpunten. Het gevolg? Het museum trekt dan meestal aan het kortste eind. Nu, een inperking van de vrijheid zoals in Hongarije kennen we tot dusver gelukkig niet. Maar laat het een verwittiging zijn …

  • De Evens Foundation organiseert nog enkele boeiende lezingen dit najaar. Klik hier voor meer informatie.
  • Op 15 november en 13 december start FARO met de introductiecursus museologie. Tijdens deze vorming staan we stil bij verschillende ‘types’ musea die vandaag hun opmars maken, en over de rollen die ze willen spelen in de samenleving. Het ‘activistische museum’ komt daarbij aan bod. U kunt nog inschrijven!
  • In de recente publicatie Cultuur op eigen koers, samengesteld door Annick Schramme en uitgegeven bij Lannoo Campus, vindt u een bijdrage van ondergetekende over musea en verzelfstandiging. 

Alle foto's: CC0

Olga Van Oost