Voor u gelezen: Koning Albert en zijn soldaten. Het Belgisch leger tijdens de Eerste Wereldoorlog

Op de WOI-pagina van FARO posten we geregeld recensies van een opvallend, inspirerend of innoverend boek over de Groote Oorlog. Ditmaal las Stefaan Vandenbussche, fractiemedewerker Vlaams Parlement, voor u een standaardwerk: 'Koning Albert en zijn soldaten. Het Belgisch leger tijdens de Eerste Wereldoorlog' van Luc Vandeweyer. De eerste uitgave van dit werk dateert van 2005, maar het boek is in 2014 herdrukt in het kader van de wereldwijde herdenkingen van de Eerste Wereldoorlog.

Een militair historicus aan het woord

Auteur Luc Vandeweyer is militair historicus. In dit boek vertelt hij enkel over de Belgische soldaten die aan het front in België de Duitse invasiemacht bestreden. Hij schetst het chronologische verloop van de oorlog dat bepaald werd door beslissingen die de Duitse, Britse en Franse oorlogsleiders namen. Het lot van de Belgische soldaten werd dus sterk beïnvloed door de gebeurtenissen op de andere slagvelden.

De Belgische strijdkrachten vormden tijdens de Eerste Wereldoorlog een kleine, maar toch betekenisvolle factor op het militaire en op het diplomatieke front. Omdat vrijwel het hele land door de Duitsers bezet was, moesten ze creatief en vooral voorzichtig zijn om zich staande te kunnen houden en zo veel mogelijk autonoom te kunnen blijven.

Als militair historicus focust Vandeweyer op alle niveaus van de strijdmacht. Maar zoals de titel van dit boek al suggereert, heeft hij veel aandacht voor koning Albert I. Als hoogste in rang bepaalde die de oorlogspolitiek van het land. De koning was ervan overtuigd dat het land dit conflict alleen zo kon overleven en zijn onafhankelijkheid, samenlevingsmodel en de monarchie bewaren. De vorst twijfelde er aan of de politici wel in dezelfde mate dit doel nastreefden.

Een bezorgde vorst

Koning Albert I maakte zich grote zorgen over de toekomst van België. De oorlog duurde veel langer dan iemand het zich in augustus 1914 kon voorstellen. De bewegingsoorlog liep uit op een loopgravenoorlog en uiteindelijk op een uitputtingsoorlog.

De auteur maakt duidelijk dat die oorlog de staten naar de afgrond voerde. Rusland was de eerste grote staat die ten onder ging. Albert zag heel scherp dat de uitputtingsoorlog niet alleen afbreuk deed aan de militaire macht maar meer nog het maatschappelijk bestel dreigde te vernietigen.

De koning gruwde van de moord op een generatie jonge mannen op het slagveld. Dat lot wilde hij zijn soldaten zo veel mogelijk besparen. In zijn ogen kon dat alleen als hij zelf de touwtjes strak in handen hield. Hij had geen vertrouwen in politici, zij waren er volgens hem voor verantwoordelijk dat zijn leger zo zwak was toen de oorlog begon. Daarnaast vond Albert dat dit Belgiës oorlog niet was. Zijn enig oorlogsdoel was dit land het geweld te doen overleven. Ook daarom nam hij resoluut de leiding van de strijdkrachten. Hij deed dat van de dag van de inval in augustus 1914 tot bij de ondertekening van het vredesverdrag van Versailles in juni 1919, bijna vijf jaar later.

De koning lag geregeld overhoop met de Fransen en Engelsen, die hem aanspoorden om het Belgisch leger meer te doen aanvallen en die aanstuurden op een oorlog tot het bittere einde en de vernietiging van Duitsland. Albert daarentegen opteerde voor het behoud van de neutraliteit van België en voor een snelle vrede.

Gebruikte bronnen en opbouw

Voor dit boek kon de auteur gebruikmaken van het oorlogsdagboek van de populaire koning en ook van archieven die nog maar weinig of helemaal niet waren onderzocht: het archief van de 1ste Legerdivisie, de Belgische militaire archieven die in Moskou teruggevonden werden en persoonlijke archieven van soldaten, burgers en ministers.

Ieder hoofdstuk begint met een chronologisch overzicht, maar een register ontbreekt in dit boek. Het werk is in een begrijpelijke taal geschreven en is zeker geschikt voor een breed publiek.

Ter conclusie

Luc Vandeweyer sluit zijn inleiding af met deze zin: "Ik hoop dat dit boek voor velen een hulp mag zijn bij het achterhalen wat hun familieleden van destijds hebben doorgemaakt aan hoop en wanhoop tijdens de oorlogsjaren van 1914-1918". Bij mij is hij daar in ieder geval helemaal in geslaagd.

De recensent: Stefan Vandenbussche is fractiemedewerker in het Vlaams Parlement. Hij volgt ook de uitvoering van de herdenking van ‘100 jaar Groote Oorlog’ door de Vlaamse Regering verder op. Daarnaast is Stefaan Vandenbussche persoonlijk sterk geïnteresseerd in de geschiedenis van beide wereldoorlogen
Het boek: L. Vandeweyer, 'Koning Albert en zijn soldaten. Het Belgisch leger tijdens de Eerste Wereldoorlog', Manteau, 2014 (tweede druk).

Gregory Vercauteren