Met Napoleon naar Moskou. De ongelooflijke overlevingstocht van Joseph Abbeel

Joseph Abbeel uit Vrasene wordt in 1806 als soldaat ingelijfd in het leger van Napoleon. Met meer dan 500.000 andere soldaten trekt hij in 1812 met Napoleon Rusland binnen. Hij is een van de weinigen die het zal overleven. Abbeel maakt alle verschrikkingen van de veldtocht mee: hij lijdt honger en dorst, plundert om aan eten te komen, ontsnapt ternauwernood aan kozakken, zit onder het stof en ongedierte, raakt gewond in een veldslag, ziet Moskou branden – en dan moet de lange tocht terug nog beginnen.

De dood is nooit ver weg – en Abbeel verlangt er soms naar! – maar op miraculeuze wijze ontglipt dat lot hem telkens. Wanneer hij Hamburg bereikt en denkt dat zijn ellende bijna voorbij is, wordt hij krijgsgevangen genomen. Dan begint een tocht naar de Wolga, nog achthonderd kilometer verder dan Moskou.

Jaren later, eindelijk terug in Vlaanderen stelt Abbeel zijn herinneringen op schrift. Hij doet dat beeldend, met humor en oog voor detail, zodat de lezer zijn avonturen letterlijk meebeleeft. De memoires van Abbeel liggen sinds 1926 in de Universiteitsbibliotheek van Gent. Joost Welten en Johan De Wilde maakten Abbeels verhaal toegankelijk voor een breed publiek.

In een nabeschouwing gaan Welten en De Wilde bovendien uitgebreid in op de relevantie van de memoires van Abbeel, de betrouwbaarheid ervan en geven ze achtergrondinformatie bij de veldtocht die Abbeel beschrijft. De tekst wordt aangevuld met zo’n honderd illustraties, overwegend in kleur. Een groot deel van die afbeeldingen wordt nu voor het eerst gepubliceerd. Het levert een unieke iconografie van de Russische veldtocht van 1812 op.

Carabinier

Joseph Abbeel wordt geboren op 31 oktober 1786 in Vrasene. In 1806 wordt hij voor het Franse leger opgeroepen. Op dat moment is hij brouwer, net als zijn vader. Vanaf de herfst van 1806 tot eind augustus 1815 dient Joseph Abbeel in het Franse leger. De slag van Waterloo op 18 juni van dat jaar zet een definitief punt achter zijn dienst voor de Fransen. Door zijn lichaamslengte komt hij in aanmerking voor dienst bij het elitekorps van de carabiniers. Dit is de periode die hij in zijn mémoires uitvoerig beschrijft.

Joseph Abbeel overleeft de napoleontische oorlogen, maar keert als oorlogsinvalide terug. Wanneer hij uit krijgsgevangenschap terugkeert, begeeft hij zich niet naar Vrasene, maar naar Kaster. Daar werkt zijn oom als notaris en burgemeester.

Vanaf februari 1817 tot februari 1820 werkt Joseph als secretaris bij het gemeentebestuur van Kaster. In 1826 woont hij als schoolhouder te Kaster in de Kerkstraat nummer 52. Joseph is dan al veertig jaar oud, maar is niet gehuwd en heeft geen kinderen. Op hetzelfde adres wonen ook zijn moeder, Antone Abbeel en dienstmeid Francisca Van Den Heuvel. In 1830 verhuizen zij allen naar het naburige Anzegem. Daar zet hij zijn werk als schoolhouder voort. Zijn moeder blijft tot haar overlijden op 3 januari 1843 bij hem inwonen. Op hogere leeftijd – wanneer precies weten we niet – wordt hij er gemeenteontvanger. Deze functie bekleedt hij tot zijn dood.

Joseph Abbeel overlijdt in Anzegem op 25 september 1866, bijna tachtig jaar oud. Heel zijn leven is hij ongehuwd gebleven.

Was Abbeel een held? Of eerder iemand met een enorme dosis geluk? Breng op Erfgoeddag soortgelijke verhalen naar voren. Welke napoleontische soldaten vind jij terug in het archief of het museum?

Leestips:
WELTEN (Joost) en DE WILDE (Johan), Met Napoleon naar Moskou. De ongelooflijke overlevingstocht van Joseph Abbeel, Leuven, Davidsfonds, 2011, 264p.

Lees de recensie over het boek op DeWereldMorgen.be

Bekijk hieronder een (Engelstalige) documentaire over de napoleontische veldtocht naar Rusland. Je kan dit filmpje ook bekijken via de toegankelijke videoplayer.