Immaterieel cultureel erfgoed

Met de term erfgoed duiden we de sporen uit het verleden aan die ook vandaag nog betekenisdragend zijn voor groepen mensen en die we daarom koesteren en aan toekomstige generaties proberen door te geven. Het erfgoed dat bij een bepaalde groep mensen of binnen een bepaald gebied aanwezig is, kan op allerlei manieren worden ingedeeld. Een van die verdelingen is gebaseerd op het inzicht dat naast voorwerpen en monumenten ook heel wat niet-tastbare (intangible) elementen tot het erfgoed kunnen behoren. Belangrijk in dit verhaal is dat de UNESCO in het begin van de 21e eeuw de woorden intangible cultural heritage en patrimoine culturel immatériel op de wereld heeft losgelaten als beleidsbegrippen. Daarom spreken ook wij tegenwoordig over immaterieel cultureel erfgoed (voorheen ook wel ‘volkscultuur’ genoemd).

Het gaat dan – luister naar de echo van UNESCO-definities – over praktijken, voorstellingen, uitdrukkingen, bijzondere kennis of vaardigheden die gemeenschappen en groepen (en in sommige gevallen zelfs individuen) (h)erkennen als een vorm van cultureel erfgoed. Een bijzonder kenmerk is dat ze worden overgedragen van generatie op generatie en belangrijk zijn voor collectieve identiteit.

AppelplukImmaterieel cultureel erfgoed manifesteert zich binnen gemeenschappen in een niet bij voorbaat of sluitend af te bakenen reeks verschijningsvormen, gaande van orale tradities over  performance, sociale gewoonten, rituelen, feestelijke gebeurtenissen en ambachtelijke vaardigheden tot bijzondere kennis over de leefwereld. Ook instrumenten, objecten (denk bijvoorbeeld aan het Ros Beiaard in Dendermonde), artefacten en culturele ruimtes die er onlosmakelijk mee verbonden zijn, worden indien relevant mee tot het begrip 'immaterieel cultureel erfgoed' gerekend. Over de reikwijdte van dit begrip wordt dan ook nog volop en in internationale context gediscussieerd. Het is belangrijk om de hele open, op de eigentijdse maatschappij vol elektronica en communicatie, gerichte aanwending van het begrip volkscultuur niet te verliezen. Aan het begrip traditie wordt dus best meer dan alleen maar een traditionele invulling gegeven. Volksdans en babyborrel, streekgerechten en nieuwe vormen van food pairing, sagen, legenden en storytelling, urban legends en broodje-aapverhalen, traditionele ambachten en hedendaagse kantwerkmotieven: ze horen allemaal bij de familie van ’volkscultuur’.

HeksenpopIn de intergenerationele overdracht die nodig is om immaterieel erfgoed in stand te houden, schuilt dan ook altijd een dynamiek van vernieuwing en adaptatie. Elke nieuwe groep die zich een vorm van (of als) immaterieel erfgoed toe-eigent, zet  traditie opnieuw naar haar hand en houdt ze daardoor beleefbaar in de eigen en de eigentijdse context. Hoewel binnen een erfgoedgemeenschap dus vaak de illusie of wensdroom leeft dat er een oorspronkelijke, authentieke vorm van immaterieel cultureel erfgoed zou bestaan, die men dan doorgaans ook meent in stand te moeten of kunnen houden, gaat het steeds om een  proces van re-creatie en heruitvinding. Die continue stroom van aanpassingen is het gevolg van allerlei interne evoluties en van externe invloedsfactoren, die voor elke erfgoedgemeenschap de omgang met het immateriële erfgoed telkens weer mee bepalen en tot het heruitvinden ervan aanzetten. In die zin is een term als ‘volkcultuur’ als aanduiding voor immaterieel erfgoed historisch getint en vanuit hedendaags perspectief sterk inperkend, omdat hij uitgaat van het concept ‘volk’ (als de tegenhanger van ‘staat’ of ‘natie’) als determinerend voor wat een (erfgoed)gemeenschap kan zijn. In een relativerende of homeopathische versie, met de nadruk op groepscultuur, is die aanduiding dan weer wel bruikbaar.

De jongste tijd is er wereldwijd een sterk toenemende aandacht voor immaterieel cultureel erfgoed in alle mogelijke vormen. Het besef is gegroeid en geprikkeld dat deze vormen van ons erfgoed erg belangrijk zijn voor culturele diversiteit in de wereld en tegelijk ook bijzonder kwestbaar zijn. De Conventie voor het koesteren  van het immaterieel cultureel erfgoed, die in 2003 door UNESCO werd aangenomen, is dan ook in razendsnel tempo over heel de wereld tot een richtinggevend werkinstrument geworden inzake de erkenning, het koesteren en het instandhouden van immaterieel cultureel erfgoed. Ook België heeft in 2006 deze Conventie onderschreven, waardoor ze binnen de drie gemeenschappen van kracht is. Zo is ’immaterieel cultureel erfgoed’ volop op de agenda gekomen in de Vlaamse, de Franstalige en de Duitstalige Gemeenschap en maken ze elk op hun manier binnen het eigen cultuurbeleid werk van de implementatie ervan. Over immateriële erfgoedelementen die op het grondgebied van meer dan één cultuurgemeenschap voorkomen, wordt sinds 2012 ook op intrabelgisch niveau overleg gepleegd om de overheidsomgang ermee te stroomlijnen.

Sinds 2012 zet de Vlaamse Gemeenschap actief in op het stimuleren van alle mogelijke erfgoedgemeenschappen in Vlaanderen tot een doordachte identificatie en borging van hun immaterieel cultureel erfgoed. Daartoe werd in september 2012 het Vlaamse ICE-platform gelanceerd. Deze website en database vormen een voor iedereen toegankelijk werkinstrument met drie doelstellingen. Ten eerste kan elke erfgoedgemeenschap haar in Vlaanderen aanwezige immaterieel erfgoed hier registreren en publiek zichtbaar maken. Daartoe moet de erfgoedgemeenschap haar borgende omgang met het erfgoed in kwestie ook beschrijven en documenteren. De kennis- en ervaringsdeling met andere gemeenschappen en met professionele erfgoedactoren om vergelijkbare borgingsproblematieken in netwerkverband trachten op te lossen, is een derde, onderliggende doelstelling van het platform. Ook de elementen die door de minister opgenomen zijn in de 'Inventaris van immaterieel cultureel erfgoed Vlaanderen’, zijn uiteraard op het ICE-Platform gedocumenteerd.   

Meer info:

Van de infokit over immaterieel cultureel die UNESCO internationaal gebruikt, maakte FARO ook een Nederlandse versie. Deze infomap bevat de tekst van de conventie en van de uitvoeringsbesluiten en ook een reeks internationale voorbeelden van ICE en hoe de gemeenschappen errond er borgend mee omgaan. De infokit is gratis en kan o.a. bij FARO opgevraagd worden (info@faronet.be, 02 213 10 60).

Een reeks bijdragen over het ICE-Platform en over de vele aspecten van het borgen van immaterieel erfgoed verscheen in faro | tijdschrift over cultureel erfgoed, jg. 5 (2012) 3.


© Foto's: FARO, Bart Van der Moeren