“De wortels in de grond en de takken in de lucht.” De strijd van Adolf Daens

Een standbeeld, controverses, een musical, een boek en zelfs een film, om nog maar te zwijgen van de plek in de top-5 van ‘De Grootste Belg’… Voor wie het nog niet besefte: de figuur van priester Adolf Daens (1839-1907) is een belangrijk symbool uit de sociale strijd in ons land. Maar in eerste instantie was hij een strijdlustige, humanistisch geïnspireerde priester, die de vanzelfsprekendheid van de armoede in zijn tijd in vraag stelde.

Dagelijks geconfronteerd met de armoedige levensomstandigheden van de arbeiders besloot Daens in april 1893 de Christene Volkspartij op te richten. Hij droomde van een revolutie voor de arbeider die vanuit Aalst als een golf alle Vlaamse arbeiders ging ontvoogden volgens christelijke beginselen. Daens’ optreden moet gesitueerd worden in de socioculturele context van zijn tijd. Zo pleitte de priester uit Aalst in zijn programma, geïnspireerd door de encycliek ‘Rerum Novarum’ van paus Leo XIII, onder meer voor de regeling van de arbeidsduur voor vrouwen en kinderen, verplicht lager onderwijs, taalgelijkheid, sociale hervormingen en de invoering van het algemeen enkelvoudig stemrecht. Anno 2010 vanzelfsprekendheden, maar in 1893 nog lang niet…


Kaarsen voor de duivel

Koning Leopold II stond zeer sceptisch tegenover het ‘pastoorke uit Aalst’ en diens ‘daensisme’. In een hele reeks brieven aan de paus wees hij op “het gevaar van de situatie die door de christendemocratie wordt geschapen”. In een van die brieven klinkt het als volgt: “Heilige Vader, u houdt van dit land, het ligt in uw macht het te redden, maar de tijd dringt.” In maart 1896 stuurde hij baron d'Erp naar de paus om de kwestie te bespreken. D'Erp kreeg  instructies van de vorst mee. Die zijn voor het nageslacht vastgelegd in een uniek memorandum vol pittige, kernachtige formuleringen. Het is echte, onversneden Leopold II:

“Zeg aan de paus hoezeer ik Hem en de Kerk toegewijd ben. Dat we jammer genoeg algemeen stemrecht hebben, en dat eenheid in de conservatieve partij meer dan ooit noodzakelijk is, maar dan niet een eenheid waarbij de conservatieve katholieke partij opgaat in de christendemocratische. De christendemocratische partij, dat noem ik de christensocialisten. De bisschoppen zijn futloos. Vroeger wilde ik gematigde bisschoppen. Dat was nodig ten tijde van de strijd tussen katholieken en liberalen. Maar nu de liberale partij niet meer in tel is, hebben we ultramontaanse bisschoppen nodig die de clerus daadkrachtig weten in te tomen. Onze geestelijken komen uit de lage klassen van de samenleving en zijn dus radicaal. Wij moeten kordaat optreden. Geen priesters in de Kamer. [... ] De priester kan zich inzetten voor maatschappelijk werk; maar hij moet begrijpen dat God de samenleving heeft gebaseerd op een gezag dat gerespecteerd moet worden. Het lot van de arbeider moet worden verbeterd, maar de arbeider mag de samenleving niet leiden. Ieder op zijn plaats: de wortels in de grond en de takken in de lucht. In België steken de christendemocraten de wortels in de lucht en de takken stoppen ze onder de grond. De boom groeit dus niet meer en sterft.[... ] Veel van onze priesters branden kaarsen voor de duivel. Ik heb dat aan de bisschoppen meegedeeld. [... ] De arbeiders moeten arbeiders blijven en de mensen die gestudeerd hebben en bekwaam zijn, moeten in het Parlement zetelen.”

Eenheid binnen de kerk

Daens brandde geen ‘kaarsen voor de duivel’. Wel integendeel, hij hield zich strikt aan de sociale leer die de Kerk dicteerde. Op dat punt werd hem nooit iets ten laste gelegd. Toch zagen de kerkelijke leiders geen heil in zijn rol als Einzelgänger, als oprichter van een afzonderlijke partij. Die doorkruiste de gesloten rangen van de machtige, conservatieve Katholieke Partij, die de steun had van de bisschoppen en van de paus. De katholieken, die pas de Schoolstrijd hadden gevoerd en de regering in handen hadden, konden moeilijk een scheuring in hun gelederen aanvaarden. De politieke situatie was echter allesbehalve eenvoudig. Zo blonk de regering geenszins uit in het toepassen van 'Rerum Novarum' en was er van een vooruitstrevende sociale politiek nog lang geen sprake. Men diende bovendien rekening te houden met het opkomende socialisme. Priester Daens zette de strijd toch door. Hij was bereid om samen te werken met de socialisten om zo een echte sociale wetgeving tot stand te brengen. Het grote breekpunt in deze relatie was de houding van de socialisten ten opzichte van de godsdienst…

Aalst gaf hem een standbeeld in 1957, vijftig jaar na zijn dood. Louis Paul Boon schreef in 1971 de documentaire roman ‘Pieter Daens’ (de volledige titel luidt: 'Pieter Daens of hoe in de negentiende eeuw de arbeiders van Aalst vochten tegen armoede en onrecht').

Belicht op Erfgoeddag de impact die Daens en zijn gedachtegoed hadden in jouw gemeente of regio. Welke weerklank kregen zijn acties, publicaties… Zijn bezoeken of toespraken? Hoe wordt de nagedachtenis van Adolf Daens vandaag beleefd? Of vraag aan een amateurtheatergezelschap om ‘Daens’ op de planken te brengen. Daens is overigens een mooie kapstok om de politieke geschiedenis uit die periode aan op te hangen…

Leestips:
Een korte biografie over Daens lees je op Wikipedia. Een iets uitgebreidere biografie vind je  op de website van de Stad Aalst. Wie aan met scholen aan de slag wil, vind heel wat materiaal op de website van Klascement. Tik in het zoekvak 'Daens' en je krijgt heel wat treffers met pedagogisch materiaal, enz. Ook Cobra.be, het cultuurkanaal van de VRT, heeft heel wat aandacht voor de figuur van Daens. En bekijk hieronder de trailer van de film van Stijn Conincx. Je kan deze ook in de toegankelijke YouTube-playerversie bekijken.

Afbeeldingen:
Twee illustratie over het leven van Daens, van Tom Houtman.
Onderaan: twee pamfletten