Voor u gelezen: ‘Napoleon. De schaduw van de Revolutie’

Nu het nieuwe jaar is aangebroken, komt de herdenking van ‘200 jaar Waterloo’ op kruissnelheid. Zo trapt bijvoorbeeld zondagavond VRT-radio Klara de achtdelige reeks Napoleon met Johan Op de Beeck af. En nog netjes voor de jaarwissel verscheen de vuistdikke synthese Napoleon. De schaduw van de Revolutie van Frankrijkkenner Bart Van Loo. In aanloop van het themadossier over de ‘Franse Tijd’ (1794-1815) dat in juni in faro | tijdschrift over cultureel erfgoed verschijnt lazen we Van Loos boek.

Van Loo stelde zichzelf best wel een grote uitdaging. Over de Franse achtereenvolgens generaal, consul, keizer en banneling zijn immers bibliotheken volgeschreven. Hoe daar iets aan toevoegen, of, anders gesteld, die grijsgedraaide plaat opnieuw fris laten klinken? In de inleiding verwoordt Van Loo de ambitie van het boek: “Ik wilde een poging ondernemen om de ware Napoleon Bonaparte te schetsen door de man via de poort van de grote geschiedenis te benaderen en achter het tweeslachtige beeld van de mythische held en de historische figuur naar de mens van vlees en bloed te zoeken: zijn blunders, misdrijven en successen, maar ook zijn twijfels, liefdes, ziektes en depressies. En zijn hybris natuurlijk, dat arrivisme hors catégorie. Het merkwaardige wedervaren van een tomeloos ambitieuze provinciaal die naar de metropool van het moederland trok om het waar te maken. Een herkenbaar streven dat uitmondde in een schrikwekkende eerzucht. Zouden zijn inspirerende kracht maar ook zijn jammerlijke ontsporing ons niets kunnen leren over de condition humaine, het menselijk tekort? Moest het niet louterend zijn om de tragiek te doorgronden van een man die dacht dat hij de loop der dingen kon veranderen?”

En zoals de ondertitel van het boek aangeeft onderzoekt Van Loo grondig de context waarin Napoleon zich kon opwerken van een berooide vluchteling uit Corsica tot de machtigste man van Frankrijk, en, bij uitbreiding, Europa. Van Loo stelt dan ook dat “het grote avontuur van guillotine en mensenrechten een helder licht [doet] schijnen op het personage Napoleon Bonaparte en een verklaring voor zijn latere ondergang biedt. Tegelijk vormt de carrière van de Corsicaan een verhelderende commentaar bij de gebeurtenissen die Frankrijk en Europa vanaf 1789 jarenlang in de ban hielden.”

Filmisch

En zo laat Van Loo zijn verhaal beginnen in 1789, “een jaar vol beproevingen. […] Een ijzige kou heeft het land in haar greep. Met daarbovenop een hoog geboortecijfer, een mislukte oogst en steeds duurdere voedingswaren […].”  Met veel gevoel voor dramatische opbouw en retoriek schetst hij achtereenvolgens hoe Louis XVI zijn grip op de gebeurtenissen verliest, de val van de Bastille, de executie van de koning en het schrikbewind van Robespierre. In die context zet Van Loo ook met verve de andere protagonisten neer: de ex-bisschop en nieuwbakken diplomaat Talleyrand, de kameleontische blijver-politiebaas Fouché, zijn eerste echtgenote Joséphine, de schrijver Chateaubriand, enzovoort.

Slaagt Van Loo in zijn opzet? Zeker. Van Loo kan vertellen. Hij deinst er niet voor terug om in de tegenwoordige tijd te schrijven, en sprongen voor- en achterwaarts in de tijd te maken. Zo laat hij het boek beginnen op 11 juni 1793, tijdens de vlucht uit Corsica, op een boot naar het vasteland, Frankrijk. Hij citeert ook lustig uit brieven, ordonnansen, pamfletten allerhande en legt de personages uitspraken in de mond en gedachten in de geest. Ook de zintuigen worden aangesproken. Zo voel je haast de koude bij de rampzalige Russische veldtocht. Dankzij de vele (veelal iconische) illustraties – denk aan de keizerskroning, maar ook Jacques-Louis Davids meesterwerk De dood van Marat – wordt de lezer ook visueel aangesproken. Verteltechnisch is dit boek dan ook om duimen en vingers bij af te likken.

Van Loo schetst ook trefzeker de evolutie van de mens achter Napoleon Bonaparte. Van een haast idealistische, voorzichtige buitenstaander naar een rücksichtslose potentaat. De verworvenheden van de Franse Revolutie – met de drie-eenheid égalité, fraternité en liberté op kop, maar met mate en plooibaar naar ’s mans ideeën. Zo wordt de pers sterk gemuilkorfd, voert hij het Légion d’honneur in (en komt voorzichtig terug met de adellijke titels op het toneel) en kijkt hij niet op een mensenleven meer of minder. De ‘export’ van de revolutionaire waarden naar de Lage Landen (en later ook Spanje, Italië en wat nu Duitsland is) heeft overigens ook een veel prozaïscher beweegreden: de staatskas was leeg en in die landen viel er veel te rapen. In die ‘Franse Tijd’ blijkt Napoleon ook een meesterlijke strategische communicator, en weet verschillende belangrijke hervormingen op de sporen te zetten.

De lange aanloop (van bij de start van de Franse Revolutie) heeft Van Loo nodig om duidelijk te kunnen maken dat Napoleon precies dankzij die enorme maatschappelijke evoluties is kunnen uitgroeien tot de figuur die hij geworden is.

Napoleon op Klara

200 jaar geleden verloor Napoleon de Slag bij Waterloo. En nog altijd komt de hele wereld de plek met de trap en de leeuw bezoeken. Niet omwille van overwinnaar Wellington maar omwille van de verliezer. Dat is op zijn minst opmerkelijk te noemen. Vanaf nu zondag vertelt journalist Johan Op de Beeck waarom Napoleon Bonaparte ons blijft fascineren. In de eerste aflevering onderzoekt hij wie die man eigenlijk was. Uitzonderlijk klein, zoals de mythe het wil? Een bloeddorstige tiran? Een vrouwengek of een romanticus? Een driftkikker? Johan Op de Beeck schreef intussen vier kanjers van boeken over de man. Zijn geestdriftige vertelkunst mag vanaf nu ook 8 zondagen lang op Klara weerklinken. Zowel de uitzendingen als de boeken van Op de Beeck en Van Loo kunnen ongetwijfeld van pas komen bij de voorbereidingen van initiatieven die de Franse Tijd in onze gewesten de komende tijd belichten. Wie beide heren aan het werk wil zien/horen, moet op zaterdag 31 januari naar deSingel, voor Klara in deSingel.

Oproep erfgoed Franse Tijd

Zoals gezegd komt er, naar aanleiding van de tweehonderdste verjaardag van de Slag bij Waterloo in faro | tijdschrift over cultureel erfgoed een focusdossier over de Franse tijd. De klemtoon ligt daarbij op het roerend erfgoed. Het is immers een periode die tot hiertoe in de cultureel-erfgoedsector (vooral dan bij de publiekswerking van collectiebeherende instellingen) tussen wal en schip valt, ondanks de enorme invloed ervan op ons dagelijks leven via regelgeving en normering van onze maatschappij. Om dit focusdossier kleur te geven, zijn we momenteel op zoek naar cultureel-erfgoedobjecten uit de Franse tijd.

Het focusdossier omvat een inleidend artikel over de herdenking van de Slag bij Waterloo en enkele korte interviews met allerlei ‘fans van Napoleon’. Daarnaast tonen een beperkt aantal objecten en documenten uit de Franse tijd de impact van deze periode op de administratieve afbakening (kaarten), het rechtssysteem (Code Napoléon), de burgerlijke stand (cf. familiegeschiedenis), het onderwijs, de openbare onderstand, maten en gewichten (decimaal stelsel), de relatie tussen kerk en staat, enz. In de gedrukte versie van het tijdschrift nemen we een selectie van een tiental items op. Andere inzendingen worden als digitale extra’s in de onlineversie van het tijdschrift opgenomen.

Hebt u in uw collectie een document, manuscript of object met een verhaal dat hiervoor geschikt is, laat het ons dan a.u.b. weten. U kan uw voorstel sturen naar Bart De Nil, bart.denil@faronet.be. De deadline voor het indienen van voorstellen is 30 januari 2015. Meer info over de voorwaarden en de procedure vindt u elders op deze website.
 

Roel Daenen