Topstukkenlijst vier nieuwe kunstwerken rijker

Minister van Cultuur Sven Gatz heeft vier belangrijke werken definitief beschermd als topstuk. Het gaat om Verbazing van het masker Wouse van James Ensor, Dood van de heilige maagd van Nicolas Poussin en de casula en velamen van de heiligen Harlindis en Relindis.

Een topstuk is een roerend goed of een verzameling dat door zijn archeologische, historische, cultuurhistorische, artistieke of wetenschappelijke betekenis voor de Vlaamse Gemeenschap als zeldzaam en onmisbaar wordt beschouwd. Zo’n cultureel erfgoed mag dan niet buiten Vlaanderen worden gebracht zonder toelating van de Vlaamse overheid. De Topstukkenlijst bevat de topstukken waarvoor bredere beschermingsmaatregelen zijn uitgevaardigd voor uitvoer, zorg en fysische ingrepen. Er is ook een bijzondere subsidieregeling aan verbonden.

Momenteel staan er 617 topstukken op de lijst, 566 objecten en 51 verzamelingen. Ze zijn verspreid over 170 bewaarplaatsen. Zeventig procent van de topstukken worden bewaard in professionele instellingen. Aan de lijst worden nu vier werken toegevoegd.

Ensor

Het werk van Ensor dateert uit de periode tussen 1887 en 1897, waarin hij verschillende schilderijen maakte met masker- en skeletmotieven. De werken uit die periode gelden als zijn beste en meest originele schilderijen. Zowel technisch als thematisch behoren ze tot de belangrijkste werken van de Belgische en westerse kunstgeschiedenis op het einde van de negentiende eeuw.  Verbazing van het masker Wouse toont kledingstukken, hoofddeksels, muziekinstrumenten, maskers en een doodskop die op de vloer van de kamer liggen. Links en rechts duiken tot leven gekomen maskers de voorstelling binnen. Het wordt bewaard door het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA).

Nicolas Poussin

Nicolas Poussin (1594-1665) wordt beschouwd als de grootste Franse schilder uit de 17e eeuw en geldt als de tegenpool van Peter Paul Rubens. Dood van de heilige maagd was oorspronkelijk bestemd voor de Notre-Dame kathedraal van Parijs. Het werk, in opdracht van aartsbisschop Jean-François de Gondi, moest hulde brengen aan de patroonheilige van de kathedraal en aan de eerste bisschop van Parijs, de heilige Dionysius. Het stelt de dood van Maria voor, met de aartsbisschop als Sint-Dionysius dominant gepositioneerd tussen de apostelen. Het belangrijke schilderij werd in 1793, enkele jaren na de Franse Revolutie, in beslag genomen en in 1802 ondergebracht in het Brusselse Museum van de Dijle, dat opgericht was door Napoleon. Het werk geraakte in de vergetelheid en werd pas in 1999 teruggevonden, in de Sint-Pancratiuskerk in Sterrebeek waar het nu nog steeds hangt.

De heiligen Harlindis en Relindis

De heiligen Harlindis en Relindis zijn bekende volksheiligen in en rond Maaseik. Zij waren de dochters van Adelardus, een bekeerde Frankische edelman en zijn echtgenote Grinara. In de eerste helft van de achtste eeuw bouwden de ouders een klooster voor hun dochters. Harlindis werd er de eerste abdis. Bij haar dood volgde haar zus haar op.

De kazuifel en de stola behoren tot een van de vroegste textielvoorbeelden uit de vroege middeleeuwen die in Vlaanderen en West-Europa bewaard zijn gebleven. De casula bestaat uit 16 fragmenten van verschillende luxueuze middeleeuwse stoffen. Het velamen bestaat uit twee stukken purperen zijde die met een purperen draad aan elkaar zijn genaaid. De casula (kazuifel) en velamen (stola) van de heiligenzussen bevinden zich in de Sint-Catharinakerk van Maaseik.

Meer informatie over het topstukkenbeleid van de Vlaamse overheid vindt u op de website van het Departement CJM.

Bron: Persbericht minister Gatz

Foto's:

  • Verbazing van het masker Wouse van James Ensor - KMSKA © Lukas - Art in Flanders vzw
  • Dood van de heilige maagd van Nicolas Poussin
  • Velamen van de heiligen Harlindis en Relindis. © Stad Maaseik
  • Casula van de heiligen Harlindis en Relindis. © Stad Maaseik
Faro